Voorleeskampioen

Mijn zoon is voorleeskampioen. Hij won in zijn klas. Oké, hij won niet in de finale met de hogere klassen. Maar ik vind hem geweldig. Maar dit bericht gaat niet over mijn zoon, dit gaat over voorlezen.

Hij las voor uit dit boek:

Het orakel Yoda Tom Angleberger

Het orakel Yoda gaat over een vingerpoppetje van origami dat de kinderen in een klas wijze adviezen geeft. De verteller vraagt zich af of Yoda echt is en dit boek is zijn onderzoek daarnaar. Ik vind het allemaal erg postmodern: je hebt dus een verteller die de waarheid wil vinden, daarom laat hij de verschillende verhalen over Yoda door verschillende personen vertellen, hij geeft daar zelf commentaar bij en laat ook commentaar geven door iemand die er niet in gelooft en dan verwijst hij ook nog eens naar de echte werkelijkheid met Youtube-links waarin staat hoe je zelf een origami-Yoda kunt vouwen.
Bij het boek zit ook een voorbeeldblad, zodat mijn zoon tijdens het voorlezen op het juiste moment (zodra Yoda met zijn grammaticaal onjuiste levenswijsheden ten tonele kwam) met het papieren poppetje kon zwaaien. Mooi hè.

2013 is uitgeroepen tot het Jaar van het Voorlezen. We hebben altijd al een Voorleesweek of Voorleesdag of Voorleesontbijt met een Bekende Nederlander, maar nu is het blijkbaar al tien maanden Jaar van het Voorlezen. Vind ik prima. Af en toe laat de organisatie van het Voorleesjaar ons eens weten hoe het nou zit met voorlezen. Leuke leestips en bijvoorbeeld het volgende ‘wist-u-datje’, dat vorige week werd rondgetwitterd: Kinderen die vanaf heel jong zijn voorgelezen beginnen in groep 1 met een woordenschat van 4000 woorden. Zonder voorlezen begin je met 1000 woorden. Ik herhaal: een woordenschat van 1000 of 4000 woorden in groep 1. Er staat geen bron bij genoemd, maar als dit klopt… Een achterstand van 3000 woorden in groep 1; zie dat nog maar eens in te halen.
Ik lees graag voor, aan mijn kinderen, maar ook aan mijn leerlingen. Of op een podium uit eigen werk – zelfs online uit Eline Vere.

 

 

Oh ja, weet je wat mij opviel? Vorig jaar las ik ‘Saidjah en Adinda’ voor in 4 havo, de leerlingen lazen wel mee – in andere lessen liet ik de leerlingen zelf lezen in bijvoorbeeld Karel ende Elegast. Beide verhalen overigens in moderne vertaling. Naar mijn idee hadden de leerlingen ‘Saidjah en Adinda’ veel beter onthouden. Ze konden het verhaal goed navertellen en hadden opvallende zaken goed onthouden.

Nog zo’n ontdekking besprak ik al eerder: kinderen vinden verhaalelementen in de directe rede (‘Waar zijn mijn zeven geitjes gebleven?’) veel spannender dan in de indirecte rede (Moeder Geit wist niet waar haar zeven geitjes waren).
En vandaag liet ik me door mijn dochter voorlezen uit Het rode kippetje (Max Velthuijs, geweldig boek!!). Ze las me twee verhalen voor en die verhalen waren best lang, dus in de loop van het verhaal slikte ze wat woorden in, ging ze zachter en sneller praten, alsof ze eigenlijk niet voorlas, maar in zichzelf las met het geluid aan. Totdat er zinnen in de directe rede waren, want die sprak ze wel luid en duidelijk en met intonatie uit. (Bekijk maar eens of deze observatie ook bij anderen klopt: bijvoorbeeld in mijn voorleesfragment uit Eline Vere hierboven.)
Het vingerpoppetje van Het orakel Yoda bestaat ook pas echt wanneer hij zijn wijsheden uitspreekt, niet wanneer anderen iets over hem zeggen…

In de afgelopen jaren is de aandacht voor taalonderwijs flink gestegen, alle juffen op peuter- en basisscholen hebben wel trainingen leesbevordering gehad, maar wat krijg je dan? Dat leesonderwijs zo belangrijk is, dat kinderen thuis moeten oefenen. Dat is nog niet zo gek, zou je denken. Het is toch fijn als een kind bij een volgende tempotest (hoeveel woorden lees je in twee minuten?) een niveau hoger scoort. Maar het is toch gekkigheid om dan het oplezen van de woordjes dagelijks thuis te oefenen – training to the test noemen we dat. Toch gebeurt dat.
Beter elke dag een half uurtje lezen en voorlezen, zou ik zeggen. Vooral omdat daar nog veel meer moois en leuks mee te beleven valt. Vingerpoppetjes van origami die in Yoda-taal levenswijsheden meegeven; kinderen die opleven bij de dialogen, omdat daar de personages tot leven komen; verhalen die je voor je ziet, verhalen die je meebeleeft, verhalen die je altijd bij je houdt. Het is geen wedstrijdje in woordenschat, het is een heerlijk en onmisbaar onderdeel van de opvoeding, thuis of op school. Niet alleen dit jaar.

3 Comments Voeg uw reactie toe

  1. Carlijn van Ravenstein schreef:

    Dag Michelle, ik heb deze post doorgeplaatst op de facebookpagina van het Jaar van het Voorlezen. Meer onderzoek naar voorlezen vind je bv op http://www.leesmonitor.nu en hier: http://jaarvanhetvoorlezen.nl/over-voorlezen/onderzoek/

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s