Wat we zien als we lezen

Wat we zien als we lezen

 

Wat zie jij als je leest? Wat zie ik als ik lees? Ik las het boek Wat we zien als we lezen, maar ik struikelde al over de titel. Jij ziet toch niet wat ik zie, dus hoe kan er een ‘we’ zijn bij het lezen? Maar goed, dit boek zou me wel vertellen hoe dat werkt: het visuele proces van de lezer…

‘Een gedachte-experiment,’ lees ik in het boek: ‘haal je je moeder eens voor de geest. Haal je nu je favoriete literaire personage voor de geest.’ Oké, ik voel het verschil: mijn geheugen is preciezer dan mijn verbeelding. Maar is dat erg? Iedereen kent de frustratie van een onvolledige herinnering, als je iemand zo lang niet gezien hebt dat alleen de stem nog levend in je geheugen aanwezig is. Maar hoe erg is het dat je niet echt of niet meer weet welke kleur ogen Anton Steenwijk in De aanslag heeft?

Een vraag tussen haakjes in het boek zet me ook aan het denken: (Is de snelheid waarmee we lezen van invloed op de levendigheid van onze fantasie?) Een stukje verder op p. 96 staat: ‘Als boeken wegen waren, zouden sommige zijn gemaakt om hard overheen te rijden – er zitten niet veel details in en de details die erin zitten zijn niet boeiend – maar de snelheid en de spanning van het verhaal zijn opzwepend. Sommige boeken zijn, als je ze als een weg zou beschouwen, gemaakt om te bewandelen – het verloop van de weg is veel minder belangrijk dan de uitzichten die zo’n weg oplevert.’
Natuurlijk bestaan deze verschillen. Maar wat zegt het over onze verbeelding? Wie snel leest, zit snel ‘in het verhaal’: de hoofdpersoon is herkenbaar, de stijl is niet te moeilijk, er is een sterke spanningsboog en er zijn niet te veel verrassingen – de fantasie is snel geprikkeld, er is geen verwarring. Maar is dat onze fantasie of herkennen we een patroon dat we al kennen? – dan is het ons geheugen dat aan het werk is. Onze verbeelding moet misschien veel harder werken bij een onvoorspelbaar verhaal?

Ik moet nog melden dat Peter Mendelsund ontwerper is van boekomslagen. Hij is geen schrijver of literatuurwetenschapper en dat is soms wel te merken: ik vraag me af waarom hij gedachten beschrijft zonder onderscheid te maken in literaire stromingen, zonder literaire begrippen als ‘flat’ en ‘round’ te gebruiken. Het klinkt wat onnozel als Mendelsund schrijft: ‘Misschien zouden deze termen ‘rol’ en ‘setting’ gebruikt moeten worden bij het beschrijven van romans.’ Er zijn in de literatuurwetenschap vele termen gebruikt om romans te beschrijven, dus wat voegt Mendelsund hieraan toe? Setting wordt zelfs al op middelbare scholen al besproken.

Bovendien, er is ook in ‘wat we zien’ een context. Zo haalt Mendelsund Dickens aan: in het citaat wordt slechts een handgebaar beschreven, maar ik zie een man in pak voor me. Waarom? Omdat het Dickens is. Iedereen kent de verhalen en verfilmingen van Dickens, iconisch, Victoriaans – dat is een context die je niet kunt negeren. Er is nog zoveel buiten de regels van een verhaal.

Misschien verwachtte ik te veel van dit boek, want door alle visuele extra’s (pleziertjes voor de liefhebber van grafisch werk) staat er toch erg weinig in dit dikke boek. Het zet je hier en daar wel aan het denken, maar weinig bleef echt hangen en sommige stukken stoorden me.

Ik ben het weer eens met de schrijver tegen het einde: ‘Dit is volgens mij waarom lezen ‘werkt’: lezen weerspiegelt het proces waarmee wij ons de wereld eigen maken.’

 

Klik en lees ook wat andere bloggers schreven over dit boek.

 

Klik en lees over mijn boek in wording, Darko’s lessen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s