Rome

December 1997. Ik zit in de vijfde klas en iedereen heeft thuis de brief gekregen over de Romereis. Gaaf! We kijken er immers al vijf jaar naar uit. Rome: het Colosseum, het Forum Romanum, de Sint Pieter, de Italiaanse zon, met z’n allen in een hotel, feesten en rondkijken en…

…en mijn vader zegt: ‘Ja. Sturen ze nu een brief. IN DE-CEM-BER! Alsof ik niet genoeg rekeningen krijg!’

Of ik even uitstel van betaling wil vragen.

Nu was dit nog in de vorige eeuw en ik was niet verlegen: de deur van de rector stond altijd open en ik ging naar binnen. Ik deed mijn verhaal.

‘Op dit moment lukt het nog niet om de rekening voor de Romereis te betalen…’

Ik maakte mijn verhaal niet af. Ik had namelijk nog geen vraag geformuleerd of de rector zei: ‘Maak je geen zorgen.’ Hij keek me aan. ‘Dat regelen we wel. Ja. Ik regel het met je ouders. Daar hebben we een potje voor.’ Hij bleef me aankijken. Ik snapte het niet helemaal. Hij herhaalde dat ik me geen zorgen hoefde te maken. ‘Jij GAAT mee naar Rome.’

Dat was alles.

En man, in al dat hedendaagse gezeur over moeilijke stadskinderen aan wie niemand les wil geven, over polarisatie en ‘verzet’ in de samenleving, over achterstanden en gentrification, over burgerschap en tweederangsburgers, ontroert het mij diep als ik aan dat moment terugdenk: een rector die garandeert dat al zijn leerlingen meegaan op schoolreis, dat iedereen erbij hoort, omdat het zo hoort.

 

SAM_1475
Rome, 1997. Fontana del Tritone.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s