‘In porno’s worden leraren wel serieus genomen’

on
(Makers van het bord zijn mij onbekend!)

Een leus bij de onderwijsstaking op het Malieveld: ‘In porno’s worden leraren wel serieus genomen’. We moesten er allemaal een beetje om gniffelen.

‘Hoezo dan?’ zei ook iemand.

‘Je weet toch wel, de sexy lerares met een pen in haar mond die je over de bril streng aankijkt.’

Oh ja. Maar dat stereotype neemt toch niemand serieus? Nou, op basis van proefondervindelijke experimenten kan ik concluderen dat bij zeker de helft van de mannen een lichte vorm van opwinding ontstaat wanneer een vrouw bij kennismaking vertelt dat ze lesgeeft. Glimmende oogjes en kwijlende mondhoeken: ‘Oei, je gaat toch niet te streng voor me zijn?’ ‘Bij jou wil ik wel een mondeling.’ ‘Ik weet zeker dat geen van de jongens bij jou de aandacht bij de les houdt.’ Walgelijk…

…maar gewoon grappig bedoeld, toch?

Het is niet grappig om steeds weer in professionele context alleen maar als je gender gezien te worden, alleen maar je biologische buitenkant, alleen maar een stereotype.

De onderwijsstaking was een prachtige dag. We voelden als één club van 40.000 die een vuist maakte naar het kabinet: doe iets aan de ondergang van ons onderwijs, we kunnen de werkdruk niet meer aan. Jammer dat Dolf Jansen zo’n eikelige opmerking maakte over vrouwen in het onderwijs. Nou ja, een opmerking, het was een onsamenhangende, wijdlopige, clouloze anekdote die maar dooretterde totdat iedereen naar z’n tenen keek omdat het zo gênant was. Moet ik er twee dagen later nog wel een punt van maken? Jazeker, en ik zal straks ook zeggen waarom.

Voor zover de anekdote een kern had, luidde die, ik parafraseer: ‘Het is best goed dat er vrouwen in het onderwijs werken, want ze kunnen één ding heel goed en dat kunnen wij mannen niet: ze hebben een geweldig geheugen voor totaal irrelevante zaken, een talent voor oude koeien uit de sloot halen.’ Dan sta je dus op een veld met 40.000 onderwijsmensen – ik schat de verhouding man/vrouw 50/50 – en dan worden de aanwezige vrouwen gereduceerd tot een negatief stereotype.

Gewoon grappig bedoeld, toch? Het is niet grappig om in professionele context steeds weer alleen maar als je gender gezien te worden, alleen maar je biologische buitenkant, alleen maar een stereotype.

Er zijn meer verschillen binnen een gender dan tussen genders. Juist in het onderwijs moeten we strijden tegen (gender)stereotypen. We weten dat meisjes in Nederland het goed doen op school, maar dat de gender gap (verschil in betaling tussen mannen en vrouwen met een fulltime baan) in Nederland nog steeds twintig procent is in het voordeel van de mannen. Ja, er werken meer vrouwen dan mannen in het (primair) onderwijs (wat geen, ik herhaal, geen enkel aantoonbaar negatief effect heeft op de onderwijsresultaten), maar in directies en besturen is het plaatje omgekeerd. Je zou zeggen dat in Nederland anno 2019 toch geen geïnstitutionaliseerde genderdiscriminatie op scholen bestaat, maar dan herinner ik je eraan dat in ons bijzonder onderwijs scholen bestaan (islamitisch en gereformeerd) met kledingvoorschriften – die alleen voor de meisjes gelden.

De wereld is niet zwart-wit. Stereotiepe opvattingen kunnen wel zorgen voor een selffulfilling prophecy wanneer mensen zo’n boodschap internaliseren en vertalen naar wat ‘normaal’ is of zou moeten zijn. En dát leidt tot slechtere resultaten. Stereotypen hebben bovendien in de onderwijspraktijk vaker een negatief effect op meisjes dan op jongens. Het hanteren van een ‘binair raamwerk’ met twee uiterste, zwart-wit stereotypen maakt het bovendien mentaal moeilijk voor iedereen die buiten dat hetero-normaliserende plaatje valt – denk dan ook aan lhbti-jongeren.

Juist in het onderwijs moeten we strijden tegen die stereotypen, want: ‘Het onderwijs is het meest directe beleidsinstrument waarmee negatieve genderstereotypen kunnen worden aangepakt. Dit kunnen leraren doen in de interactie met leerlingen, door middel van individuele begeleiding, aanmoedigingen en het uitspreken van de juiste verwachtingen.’ Lees er meer over in het boek Gelijke kansen in de school van David Mitchell (ook andere gegevens hierboven komen terug in het hoofdstuk over gender).

Als leraar probeer je dus via het onderwijs gelijke kansen te bieden aan iedereen, voor kinderen uit alle sociaal-economische klassen, voor jongens en meisjes, voor alle culturen – en dan sta je daar met alle leraren op het Malieveld, waarvan de helft vrouwen, en dan word je zó geschoffeerd door Dolf Jansen. Ja, daarom maak ik er dus een punt van! En dan komen er na Liesbeth Verheggen (AOb) zo’n tien mensen een praatje op het podium houden… waarvan twee vrouwen. Twee! Moet ik daar ook een punt van maken?

Gewoon toevallig, toch?

‘Het is duidelijk dat het veel moeilijker is voor mannen om macht op te geven dan voor vrouwen om te streven naar macht,’ schrijft Mitchell ook in Gelijke kansen in de school. Of zoals Jan Siebelink in Trouw zijn schouders ophaalde over alle ophef over het Boekenweekgeschenk: ‘Ik had verwacht dat ze voor het essay wel een vrouw zouden vragen.’ Tja, waarom zou je zoiets eerst navragen, waarom zou een man er een principiële kwestie van maken om vrouwen erbij te betrekken als dat in zijn nadeel is? Nee, ik bedoel dit niet cynisch, het is een goede waarom-vraag waar gelukkig een goed antwoord op is. En dus maak ik er ook een punt van.

In Feminists don’t wear pink schrijft Alaa Murabit: The only way we can become more inclusive and ultimately more legitimate and successfull at ensuring peacce, prosperity and woman’s rights is by ensuring that all people can see themselves at the table, and that young women in particular have role models, mentors and the necessary support to ensure that we occupy those spaces. 

Het gaat niet alleen om de rechten van de vrouw (slechts de helft van de wereldbevolking…), het gaat om het bruto nationaal product, om economische vooruitgang, vrede, veiligheid, welvaart die je allemaal stimuleert als je inclusief denkt – omdat dan iedereen vooruitgang kan bereiken. Het is niet grappig, het is niet toevallig, het is zo bloedserieus als vrouwen alleen in porno genomen worden.

Ik verwacht dat er nog een onderwijsstaking zal volgen, omdat de verantwoordelijke ministers nog geen enkele toezegging hebben gedaan. Ik mag hopen dat die onderwijsstaking dan wel de kracht van diversiteit laat zien. Als de AOb en FNV écht zelf niemand kennen, heb ik wel een lijstje met vrouwen die hun mannetje wel staan.

(Precies. Die uitdrukking gebruik ik dus nooit. Je gaat het pas zien als je het doorhebt.)

Één reactie Voeg uw reactie toe

  1. rsybesma2014 schreef:

    Dit is wat je hebt gekregen: 40.000 mensen op een modderveld, met hoedjes, spandoeken en niet ter zake doende humor, maar geen stap dichterbij het doel. Je kreeg het antwoord dat je kon verwachten: er staan 10 anderen voor u in de rij, en uw werkdruk en salariseisen kunnen ons kabinet de rest van onze zittingsperiode geen barst schelen; u doet het er maar mee…
    Last van werkdruk? Er is maar 1 manier om daar wat aan te doen: doe alleen dat waar je voor bent benoemd, namelijk de kinderen in je klas onderwijs geven (dat kan niet passend zijn); al het andere laat je achterwege (en dat moeten we dan wel met z’n allen zo doen).
    Geen avondactiviteiten, 8 uur is 8 uur (meer tijd = meer geld), geen klassenbezoeken (van niemand, geen tijd voor), geen opvang bij ziekte van collega’s. Doe je meer dan dit, dan heeft Den Haag gelijk…..

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.