Kleren maken de vrouw

Eén keer in mijn basisschoolleven werd ik met de auto naar school gebracht. Dat gebeurde omdat ik anders te laat zou komen. Ik had geweigerd mijn jas aan te trekken. Ik wilde wel naar school, maar ik wilde niet naar school in díe jas. Het was een nieuwe jas, of tweedehands, maar nieuw voor mij. De jas was lelijk. Ik wilde mijn oude jas.

Oh ja, vergeet ik bijna te melden: dit was op de kleuterschool.

Ik vind het een fantastische anekdote, maar het gebeurde is bepaald niet exemplarisch voor mijn innerlijke fashionista. Mijn jongste jaren bracht ik door in gebreide truien en jogging- en trainingspakken in alle kleuren die de jaren tachtig te bieden hadden, en op zon- en feestdagen soms in jurkjes. Ik weigerde spijkerbroeken, want die zijn koud als je ze aantrekt. Ik had kort haar en mensen zagen me wel eens voor een jongen aan, maar dat leek mij hun probleem. Ik was ook altijd de prins als ik met vriendinnen toneelstukjes bedacht en ik ging liever voetballen met de jongens op het schoolplein dan tegen een muurtje hangen en groeiende tietjes vergelijken / hardop bedenken wie met wie verkering had.

Ik herinner me de keer dat ik wel zo’n zondagse jurk naar school aantrok. Ik zat in groep 6 en ik was erg trots op deze jurk. Volgens mij had mijn moeder ‘m zelf gemaakt, hij had een paars, druk motiefje, met pofmouwen en alles erop en eraan. Op school deed ik extra mijn best om de jurk netjes te houden en om netjes te zitten en mooi te zijn. De klas had het door. Toen ik even van mijn plaats was, legde iemand een pen op mijn stoel. Ik ging erop zitten. Er gebeurde niets ergs, ik legde de pen snel weg en ging opnieuw netjes zitten, maar ze lachten om me en ik voelde me enorm gekrenkt omdat ik was aangevallen op iets waar ik zelf trots op was. Ik had mijn best gedaan op mijn uiterlijk en ik werd erom bespot. Ik voelde me belachelijk gemaakt, maar blijkbaar vónden ze mij in die jurk ook belachelijk en misschien dééd ik ook belachelijk en… het leven is gewoon comfortabeler in een joggingpak.

‘Zolang je je kunt verheugen om je schoeisel is er niks aan de hand.’ Marja Pruis schrijft dit in haar boek Oplossingen – Het leven, mijn handreiking over een meisje achterop de fiets bij haar vader: een blij kind met roze gympen aan. Het doet me denken aan de ik-verteller in ‘Joey Santa’s dood’, een verhaal van Doeschka Meijsing. Zij heeft na een depressie, na de dood van haar geliefde, weer aandacht voor uiterlijke zaken en dat stemt haar tevreden. Maar is het waar? Bewijst aandacht voor uiterlijke zaken dat er ‘niks aan de hand is’? Dat zou wel mooi zijn in deze tijden van veel, heel veel uiterlijk vertoon. Het omgekeerde kan net zo goed waar zijn, denk ik: alle aandacht op je uiterlijk richten om maar niet te hoeven denken aan álles wat er aan de hand is. Kleding als afleidingsmanoeuvre, ook voor jezelf.

Ik ben wel altijd gek geweest op verkleden. Verkleden is een feestje. Je kunt zijn wat je wilt. Je trekt een clownspak aan en je bent een clown. Je trekt de hoge hakken van je moeder aan en je bent een mevrouw. Ik kwam een keer ’s ochtends beneden op een werkdag, een dag met veel vergaderingen, ik had een pak aan, zwart jasje, zwarte broek, witte blouse. Mijn zoon, vijf jaar, zat aan de ontbijttafel en zei: ‘Je lijkt wel een meneertje!’ Kleren maken de man. Of vrouw.

Je bent wat je aantrekt. Ik heb inmiddels een hele kast vol verkleedkleren. Zestig jurkjes voor alle zon- en feestdagen van het jaar. Broekpakken, pakken, rokjes, skinny’s, jeans, bloesjes, truien, heel veel hempjes, shirts, vestjes, jasjes. Panty’s, maillots en leggings in meer kleuren dan je ogen willen weten. Schoenen in alle merken en kleuren en hakhoogtes. Franca Treur had het in een stukje in Trouw over de glamourtijd van haar succesvolle debuut tien jaar geleden en noemde die tijd ‘een levensfase waarin ik voor alles in was, ook al moest ik er ongemakkelijke kleren voor aan’. Ja, verkleedkleren zijn soms ongemakkelijk: hoge hakken, te korte rokjes, jurken die je eigenlijk zonder beha draagt maar niet elk paar borsten is daartoe bereid, of het allerstomste: als je meedoet aan een podiumactiviteit in een mooie (korte/strakke) jurk en je moet daarmee op een barkruk gaan zitten, het publiek zit wat lager en kreeg nog nooit zo veel te zien op een literaire avond. Verkleed gaan als leraar is trouwens ook moeilijker dan je denkt. Niet te kort, niet te strak, niet te laag, niet te transparant. Het is niet gek dat veel leraren een soort uniform hebben: altijd een ruitoverhemd en hetzelfde model spijkerbroek, altijd een King Louie met legging en laarsjes (nee, ik niet).

In Oplossingen lees ik ook:

‘Als vrouw, misschien zelfs wel als mens, ga je nooit zomaar de deur uit denk ik. Er bestaat zoiets als een geprepareerde versie van jezelf, de versie die aan de buitenwereld getoond mag worden. Het gaat niet om de hoeveelheid herstellende handelingen die moeten worden verricht, en ook niet om de ingrijpendheid ervan. Het is gewoon het feit dát, het nog even verschikken van iets, potloodlijntje zetten, mascara aanbrengen, haren optasten of juist nog even platleggen. Geen hond die het verschil ziet, maar het voelt aan als het verschil tussen bloot en aangekleed.’

Het letterlijke verschil tussen bloot en aangekleed vind ik meestal voldoende voor de buitenwereld als ik geen bijzondere rol te vervullen heb. Mascara is voor feestjes. Komt dat door het eerdere drama met de pen: hoe meer moeite je doet, hoe groter de kans dat je gekwetst wordt? Nee. Ik hou gewoon ook van mijn nonchalante, make-uploze, stoere, wat androgyne zelf. Ik ben te lui voor sieraden en make-up en ik heb ooit gelezen dat wie lang voor de spiegel staat, alleen maar ongelukkiger wordt, dus ik mijd spiegels als Medusa (had moeten doen).

Ik koop al tien maanden geen kleren meer. Goede voornemens. Ik kocht alleen: wat ondergoed en sokken, een blouse, één paar schoenen. Het is geen statement voor het milieu en duurzaamheid of tegen kinderarbeid enzo. Ik hou niet van verspilling. Ik heb meer dan zestig jurkjes in mijn kast. Dat is belachelijk. Dus koop ik niets meer. Geen hond die het ziet.

Kleren maken de vrouw was trouwens het allereerste boek van Hella Haasse, een bloedmooie en zeer stijlvol geklede vrouw en een fantastische schrijfster. Doet het ertoe dat ze bloedmooi en stijlvol was? Oh ja, sommige mensen suggereren onverbloemd op Twitter of op foute borrels dat mooie schrijfsters alles aan hun uiterlijk te danken hebben, dat zij makkelijk een uitgever vinden en makkelijk boeken verkopen, maar lees het onderzoek van Corina Koole of dit recente artikel van Aaf Brandt Corstius over mannen en vrouwen in de boekenkast van bekende schrijvers (m), dan mag je toch wel concluderen dat schrijfsters meer last van hun sekse hebben dan hun sexappeal kan compenseren.

Maar ik mag regelmatig complimenten in ontvangst nemen over mijn uiterlijk. Zelfs een leerling gaf mij eens in een enquête over mijn functioneren ‘Punten voor stijl!’ Doet het ertoe voor mijzelf? Het geeft een goed gevoel, ja: de verkleedpartij is geslaagd. Is het ook gewoon ijdelheid, zelfliefde? Waarom verzamel ik anders foto’s van al mijn optredens (op Facebook)? Nou ja, ook omdat ik die optredens zo leuk vind. Waarom vind ik dit zo ingewikkeld? Tja, dit is de paradox: ik vind het dubieus dat we al die moeite doen voor soms ongezonde, onbelangrijke en cultureel stereotiepe schoonheidsidealen, ik vind het bovendien vreemd om complimenten te krijgen voor een combinatie van geluk in de genen en een goed gevonden jurk én ik ben toch zeker meer dan het mooie plaatje, ik voel me zéker ongemakkelijk bij complimenten die klinken als een juichend ‘Beauty én Brains!’ dat door de suggestie van de bijzonderheid ervan ook weer een ander stereotype benoemt (namelijk: een Barbie kan niet slim zijn, een vrouw moet intelligent óf sexy zijn want anders, oh lord, dat kunnen we niet aan), maar toch, maar toch… voelt het lekker als iemand je mooi vindt.

Maar dit voelt natuurlijk het allerlekkerst: als iemand je altijd mooi vindt. Ook in joggingpak.

Ach, niemand belooft je dat leven en liefde zo warm en comfortabel zijn als een joggingpak, maar: waarom the fuck niet?

Quizmaster bij Frontaal, foto’s door Purdey van Dijke
Ja, I love this suit! En zeer comfortabel! Very Cherry!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.